Terug naar het echte gesprek

Ergens onderweg zijn we met elkaar het gesprek kwijtgeraakt. Niet het overleg. Niet het dossier of het protocol; maar het gesprek dat begint bij voelen

 

Onlangs verscheen in het Parool het artikel ‘Geef de bedrijfsarts zijn originele positie terug’. Het stuk legt iets bloot wat we misschien al langer weten, maar zelden hardop zeggen: verzuim wordt steeds vaker verplaatst naar papier. Wat ooit ging over mensen in relatie tot hun werk, is langzaam veranderd in een medisch-juridische werkelijkheid. Alsof uitval zich laat vangen in formulieren en dat wat pijn doet meetbaar is.

Ziekte als symptoom

In veel verzuimsituaties is ziekte niet het beginpunt, maar een gevolg. Een gevolg van te lang volhouden. Van inslikken en aanpassen. Van loyaliteit die over de grens ging. En toch wordt dat zelden gezegd. Werknemers voelen het wel, maar spreken het niet uit. De angst is subtiel en toch krachtig. Wat als ik dit zeg? Wat als ik teveel ben? Wat als dit mij mijn plek kost? Leidinggevenden voelen het ook. Iets klopt niet… Iemand trekt zich terug, verhardt of verdwijnt. En ook hier is die terughoudendheid aanwezig. Wat als ik het verkeerd zeg? Wat als het escaleert? Wat als ik tekortschiet? Zo blijft het wezenlijke gesprek in de onderstroom. En precies daar gaat het werken.

Moed begint bij voelen

Haptonomie nodigt uit tot vertraging. Tot even niet weten. Tot zakken onder het denken. Niet: wat moet ik zeggen? Maar: wat voel ik eigenlijk? Want wie weer contact maakt met zijn gevoel, ontdekt iets essentieels: dat veel van onze gedachten angstgedreven zijn. Scenario’s over gevolgen die nog niet bestaan. Verhalen die ons veilig moeten houden maar ons juist verwijderen van de ander. De weg naar binnen is geen luxe. Het is een voorwaarde om het gesprek aan te kunnen.

De haptonoom als hoeder van het gesprek

In het echte gesprek tussen werkgever en werknemer – waar het Parool-artikel terecht naar terugverlangt – kan de haptonoom een dragende rol vervullen. Niet om op te lossen. Niet om te beoordelen. Maar om het contact te bewaken. Om ruimte te maken voor wat wel voelbaar is, maar nog geen woorden heeft. Om het spanningsveld te dragen waarin waarheid kan ontstaan. Om mensen te helpen spreken vanuit hun gevoel, in plaats van over elkaar.

Minder afstand, meer nabijheid

Misschien vraagt deze tijd niet om meer systemen, maar om meer nabijheid. Niet om strakkere kaders, maar om zachtere aandacht. Niet om nog een protocol, maar om een ontmoeting. Wanneer het gesprek terug mag naar zijn oorspronkelijke plek – tussen twee mensen – kan verzuim weer een signaal worden in plaats van een dossier. Een uitnodiging tot luisteren. Tot voelen. Tot bewegen. En misschien begint herstel dan niet bij terugkeer naar werk, maar bij terugkeer naar jezelf.